Steunkousen-hulp vraagt om erkenning

Kaatsheuvelnaar Elco van Liere bedacht een apparaat dat helpt met het uittrekken van steunkousen. Maar in de zorg is niets zo simpel als het lijkt.

door Rik Goverde

Kaatsheuvel - Voor Elco van Liere uit Kaatsheuvel is het een simpele rekensom. Als iemand dagelijks thuis hulp krijgt bij het aantrekken van steunkousen, kost dat 3500 euro per jaar. Die hulp moet vaak speciaal langskomen voor dat klusje van 10 minuten. Het dagelijks uíttrekken van de kousen: nog eens eenzelfde bedrag. Dat is 7000 euro per jaar, betaald vanuit de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ, de volksverzekering).
Dat kan efficiënter en goedkoper, dacht Van Liere. "Ik hoorde verhalen van mijn vrouw, die heeft in de thuiszorg gewerkt. En van mijn vader, die meet mensen kousen aan. Ik kon de problemen dus redelijk inschatten."

Getest
Vooral het uittrekken van de kousen is vaak een probleem. Een kous 'naar je toe halen' gaat makkelijker dan 'van je afduwen'. Daarnaast hebben mensen soms nauwelijks kracht in hun armen of hebben ze moeite met het bewegen van heup of knie, waardoor ze niet bij hun tenen kunnen komen. Dus dook Van Liere in 1999 zijn schuurtje in om een alternatief te bedenken. In 2004 is zijn oplossing klaar, getest en wel: de Ort-O-Mate. Uit een kastje aan de muur komt een lange band van een paar centimeter breed. Die wordt met een klem aan de kous vastgemaakt. Als de band weer opspoelt in het kastje, wordt de kous meegetrokken. "Mijn Ort-O-Mate kost ruim 860 euro, inclusief btw. Gaat zeker vijf jaar mee, na een half jaar heb je hem er al uit."

Geen hulp
Dat lijkt een doorbraak. Duizenden mensen zouden geen thuishulp meer nodig hebben bij het uittrekken van hun elastische kousen. Maar in de zorg is niets zo simpel als het lijkt. Tweede Kamerlid Anouchka van Miltenburg (VVD) probeert de Ort-O-Mate al twee jaar onder de aandacht te krijgen. "Ik heb het in 2004 bij de begrotingsbehandeling naar voren gebracht. Dan wordt er wat gelachen, door de minister en andere politici. Daarna is er wel een experiment gestart, maar daar deden weinig instellingen aan mee."
Van Miltenburg vermoedt dat dat ligt aan de verschillende belangen. Thuiszorginstanties verdienen aan de steunkous-hulp, die zouden omzet en wellicht banen verliezen als de Ort-O-Mate wordt ingevoerd.

Kosten
"Nu is het nog een vast inkomstenbronnetje voor de thuiszorg", zegt Van Miltenburg. En sommige verzekeraars willen de kosten van de Ort-O-Mate niet op zich nemen. Ze willen de premies zo laag mogelijk houden en niet opdraaien voor de kosten die nu nog onder de AWBZ vallen.
VGZ is een van de verzekeraars die de Ort-O-Mate niet vergoedt. Woordvoerder Erik Lelieveld: "We hebben contracten met leveranciers, die leveren voor een x-bedrag totaalpakketen in de compressiezorg. Steunkousen, ja. Ze zorgen voor de kousen en de middelen om ze aan te trekken. De leveranciers vragen nooit om de Ort-O-Mate. Incidenteel doen klanten dat wel, maar die verwijzen we dan door naar de leveranciers."
CZ levert de Ort-O-Mate wel, zij het niet in alle gevallen, zegt Marie-José van Gardingen. Ze wijst op de richtlijnen vanuit het College van Zorgverzekeringen, die het Ministerie van VWS adviseert over zorg. "Als patiënten niet kunnen volstaan met eenvoudiger hulpmiddelen, of als ze geen kracht genoeg hebben in hun armen, vergoeden we het apparaat. Maar als er toch al thuishulp langskomt, bijvoorbeeld voor het verzorgen van wonden, dan vergoeden we niet. Dan gaat de hulp bij kousen in een moeite door."
De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa, het voormalige CTG/ZAio), de controle-instelling in de zorg, startte twee jaar terug het experiment met de Ort-O-Mate. Een woordvoerster: "We zetten het experiment nog even door. Er deden zo weinig mensen mee, dat we nog geen goed beeld hebben van het apparaat."

Duidelijk antwoord
De hele gang van zaken is typisch voor de zorg, zegt Anouchka van Miltenburg. Ze zet de strijd voor het apparaat voort. Van Miltenburg: "Ik zou zeggen: stop het in de AWBZ. Ik ga dat in elk geval tijdens de begrotingsbehandeling weer bij de minister onder de aandacht brengen. En dan wil ik een duidelijk antwoord van hem."
Ook Van Liere blijft zijn vinding onder de aandacht brengen. Waarschijnlijk heeft hij er eind dit jaar zo'n driehonderd bij mensen thuis geplaatst. Dat maakt hem overigens nog geen rijk man. Uiteindelijk wil hij er wel geld aan gaan verdienen, het is zíjn uitvinding tenslotte. "Maar nu leg ik er nog geld op toe. Ik help mensen met het invullen van de formulieren. De arts controleert dat en zet er zijn handtekening onder. Dan hebben de mensen een medische indicatie. Ik geef ze de Ort-O-Mate, maar soms duurt het wel anderhalf jaar voor de verzekeraars het kastje vergoeden. Als dat al gebeurt."

Uit: Het Brabants dagblad, 27 oktober 2006