Welzijnswerk is achtergebleven

14 okt 2009

Op 14 oktober 2009 verscheen in Trouw het volgende artikel over de WMO

'Welzijnswerk is achtergebleven'

Bezuinigingen hebben gevolgen voor het voorzieningenniveau.
Nu ook gemeenten moeten bezuinigingen, moeten de doelen in de welzijnswet worden bijgesteld, zegt VVD-Kamerlid Van Miltenburg.
Dat staatssecretaris Bussemaker van volksgezondheid haar taak serieus neemt door initiatieven te lanceren die de gemeentelijke welzijnswet (WMO) beter moet laten werken, vindt VVD-Kamerlid Anouchka van Miltenburg prijzenswaardig. Maar nu gemeenten gewaarschuwd zijn dat ze flink moeten bezuinigen, moet Bussemaker inbinden, vindt ze. Vandaag debatteert de Kamer met de PvdA-staatssecretaris over de wet die mensen die niet zelfstandig kunnen deelnemen aan de samenleving, helpt toch mee te doen.

Waarom moet Bussemaker zich zo intensief met de welzijnswet bemoeien? Die is toch naar de gemeenten gedelegeerd?

„Doordat de welzijnswet eind jaren '80 is gedecentraliseerd, is er weinig empirisch onderzoek. Er is weinig onderbouwing. Daarom is het zo gek nog niet dat de staatssecretaris onderzoek doet en adviezen geeft. Daardoor kan worden geïnnoveerd. De zorg heeft zich wel verder geprofessionaliseerd, maar het welzijnswerk is achtergebleven."

„Het probleem is dat de plannen van Bussemaker op dit moment ver van de werkelijkheid af staan. De gemeenten zijn er heel wat meer van doordrongen dat ze moeten bezuinigen dan de regering. Daarnaast wekt de staatssecretaris de verwachting dat de taken die niet meer in de AWBZ zitten, door gemeenten worden overgenomen. Zo heeft ze de 170 miljoen euro voor ondersteunende begeleiding naar de gemeenten geschoven."

Gemeenten hebben toch ook de taak om mensen die niet zelf kunnen participeren, te begeleiden? Dat hadden ze al voordat ze dat extra geld uit de AWBZ erbij kregen.

„Dat is zo, maar ze hoeven niet één op één over te nemen wat eerst uit de AWBZ kwam. Gemeenten mogen zelf bepalen hoe ze dat invullen. In de volksverzekering AWBZ kunnen mensen individueel aanspraak doen op bepaalde voorzieningen. Gemeenten mogen ook collectieve regelingen treffen. Ze kunnen investeren in een buurthuis in plaats van in een boodschappenservice."

Pleit u ervoor om de bezuiniging op de gemeente teniet te doen?

„Zeker niet. In onze tegenbegroting bezuinigen wij ook op de gemeentefondsen. Maar dan moet er wel een eerlijk verhaal worden verteld. Als gemeenten 20 procent minder uit mogen geven, heeft dat consequenties voor het voorzieningenniveau. We moeten de doelen van de WMO bijstellen. Welke dat precies zijn? Daar moeten we de discussie over aangaan. De focus moet meer komen te liggen op de collectieve voorzieningen en minder op individuele. Er zijn nog steeds gemeenten die denken dat ze geen prestatie hoeven te leveren op welzijn. Of dat meer moet worden afgedwongen? Dat bepaal ik begin volgend jaar, als er een evaluatie van de wet is."